ECLI:NL:PHR:2000:AA4768
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest over bewijsvoering en partijgetuigeverbod in aannemingsovereenkomst Antilliaans recht
In deze civiele zaak staat de vraag centraal of het verbod op het optreden als getuige in eigen zaak onder Antilliaans recht nog onverkort geldt, mede in het licht van het Dombo-arrest van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) en het concordantiebeginsel.
Civil Construction vordert betaling van een restant van de aanneemsom van Resort voor bouwwerkzaamheden op Sint-Maarten. Resort voert verweer en stelt dat zij meer heeft betaald dan Civil Construction erkent, onder meer via een betaling aan een derde, die nauw betrokken was bij Civil Construction. Het gerecht en hof hebben diverse bewijsbeslissingen genomen, waaronder het buiten beschouwing laten van de getuigenverklaring van een statutair directeur van Resort vanwege het partijgetuigeverbod.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof ten onrechte de verklaring van deze getuige niet heeft meegewogen, terwijl een andere getuige op vergelijkbaar niveau wel is gehoord, wat strijdig is met het beginsel van equality of arms zoals neergelegd in art. 6 EVRM Pro en het Dombo-arrest. Ook is het oordeel van het hof over de opleveringsdatum onvoldoende gemotiveerd. Daarom wordt het arrest vernietigd en de zaak terugverwezen naar het hof voor hernieuwde beoordeling.
De zaak bevat uitgebreide overwegingen over de verhouding tussen Antilliaans en Nederlands recht, de toepassing van het concordantiebeginsel, en de reikwijdte van het partijgetuigeverbod in het licht van internationale mensenrechtennormen.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling.