ECLI:NL:PHR:2001:AD3970
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geldigheid kettingbeding en verplicht lidmaatschap bungalowparkvereniging
De zaak betreft een geschil tussen eiser en de Vereniging van bungalow-eigenaren (VBE) van bungalowpark "De Keizerskroon" over de geldigheid van een kettingbeding en de verplichting tot lidmaatschap van de vereniging.
Eiser had het erfpacht- en opstalrecht van een kavel gekocht met daarin een kettingbeding opgenomen dat hem verplichtte het lidmaatschap van de VBE en de jaarlijkse bijdrage door te geven aan een volgende koper. Bij doorverkoop heeft eiser dit beding niet opgelegd, waarna de VBE een contractuele boete van f 5.000,- eiste.
De kantonrechter en rechtbank wezen de vordering van eiser af en legden de boete op. Eiser stelde onder meer dat de VBE niet de rechtspersoon was die in het kettingbeding werd genoemd en dat het lidmaatschap niet van rechtswege op hem overging. De Hoge Raad bevestigde dat de VBE de voortzetting is van de Beheersstichting die in het kettingbeding werd bedoeld en dat eiser zich vrijwillig aan het lidmaatschap had verbonden. Het bewijsaanbod van eiser werd terecht gepasseerd omdat de feiten voldoende waren vastgesteld.
De Hoge Raad verwierp de cassatieklachten en bevestigde de geldigheid van het kettingbeding, het verplichte lidmaatschap en de boete wegens niet-naleving.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de contractuele boete wordt bevestigd.