ECLI:NL:PHR:2003:AF0193
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geldigheid formele rechtskracht bij te late BTW-terugvorderingen ondanks strijd met EU-richtlijn
In deze parallelle zaken hebben Maple Tree Holding B.V. en Game Amusement B.V., exploitanten van speelautomaten, de Staat gedagvaard wegens terugbetaling van te veel betaalde omzetbelasting over de jaren 1988-1992. De belasting was berekend op basis van een resolutie van de Staatssecretaris van Financiën die later door het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen (HvJEG) als strijdig met de Zesde BTW-Richtlijn werd beoordeeld.
De exploitanten hadden hun bezwaartermijnen tegen de aanslagen overschreden en konden hun vorderingen niet meer via de administratieve weg indienen. Zij stelden civielrechtelijke vorderingen in op grond van onverschuldigde betaling, ongerechtvaardigde verrijking en onrechtmatige daad. De centrale vraag was of het Nederlandse beginsel van formele rechtskracht, dat bepaalt dat niet tijdig aangevochten aanslagen definitief zijn, door het Europese gemeenschapsrecht kan worden doorbroken.
De rechtbank en het hof wezen de vorderingen af en bevestigden dat de formele rechtskracht geldt, ook bij strijd met het gemeenschapsrecht. De Hoge Raad sluit zich hierbij aan en overweegt dat redelijke nationale beroepstermijnen verenigbaar zijn met het gelijkwaardigheids- en effectiviteitsbeginsel van het EU-recht. Uitzonderingen op formele rechtskracht zijn slechts mogelijk bij erkenning van onrechtmatigheid binnen de administratieve termijnen of bij onduidelijkheid over de administratieve procedure, wat hier niet aan de orde is.
De Hoge Raad benadrukt dat de exploitanten de administratieve rechtsgang niet tijdig hebben benut en dat het Europese recht geen aanleiding geeft om de formele rechtskracht te doorbreken. Ook het beroep op het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EHRM) leidt niet tot een ander oordeel. De conclusie is dat de Staat zich met succes kan beroepen op formele rechtskracht en dat de vorderingen van Maple en Game worden afgewezen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de formele rechtskracht geldt en wijst de vorderingen van Maple en Game af.