ECLI:NL:PHR:2004:AF7863
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over belastingheffing pensioenoverdracht Nederland-België en verdragsinterpretatie
Deze zaak betreft de vraag of het oude belastingverdrag tussen Nederland en België Nederlandse belastingheffing toestaat over de overdracht van pensioenkapitaal van een Nederlandse naar een Belgische verzekeraar, terwijl de pensioengerechtigde in België woont.
De Inspecteur had loonbelasting ingehouden op de overdracht op grond van artikel 11c van de Wet op de loonbelasting 1964, dat een fictieve afkoop van de pensioenaanspraak aanneemt bij overdracht aan niet-erkende verzekeraars. Het Hof 's-Hertogenbosch oordeelde echter dat deze fictie leidt tot dubbele heffing en in strijd is met het doel en de strekking van het belastingverdrag, waardoor de aanspraak moet worden gekwalificeerd als pensioen in de zin van artikel 18 van Pro het Verdrag en de heffing aan België toekomt.
De Staatssecretaris stelde in cassatie dat de aanspraak niet als pensioen, maar als loon uit vroegere dienstbetrekking moet worden belast in Nederland, waarbij de fictieve afkoop niet tot verdragsbevoegdheid leidt. De Hoge Raad concludeert dat de fictieve afkoop geen daadwerkelijke betaling of verkrijging inhoudt en dat de aanspraak niet onder artikel 18 valt Pro vanwege het ontbreken van een betaling. Ook artikel 15 is Pro niet van toepassing omdat er geen daadwerkelijke verkrijging is. Hierdoor valt het belastbare inkomen onder het restartikel (artikel 22), dat exclusief heffingsrecht aan de woonstaat toewijst, in dit geval België.
De Hoge Raad benadrukt dat de nationale fictie van artikel 11c Wet LB niet leidt tot uitbreiding van het verdragsrecht en dat de belastingheffing in Nederland daarom niet gerechtvaardigd is. Ook het subsidiaire standpunt dat het premiedeel van de aanspraak in Nederland belast zou moeten worden, wordt verworpen vanwege de interne fiscale regeling die premies expliciet buiten het loonbegrip plaatst.
De conclusie is dat het beroep van de Staatssecretaris ongegrond moet worden verklaard en dat de Nederlandse heffing op de overdracht van pensioenkapitaal aan een Belgische verzekeraar niet is toegestaan onder het belastingverdrag met België.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat Nederland geen heffingsrecht heeft over de overdracht van pensioenkapitaal aan een Belgische verzekeraar vanwege het belastingverdrag.