ECLI:NL:PHR:2004:AN8288
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt vrijwel onaantastbare alimentatieregeling in echtscheidingsconvenant
In deze zaak vordert de man wijziging van de alimentatiebetaling aan de vrouw, gebaseerd op een echtscheidingsconvenant uit 1997 waarin vaste alimentatie is overeengekomen als compensatie voor afstand van pensioenaanspraken. De rechtbank en het hof wijzen het verzoek af, waarbij het hof oordeelt dat partijen een vrijwel onaantastbare regeling hebben getroffen met duidelijke beëindigingsgronden.
De man stelt dat het hof ten onrechte een niet-wijzigingsbeding heeft aangenomen en de Haviltex-maatstaf verkeerd toepast. De Hoge Raad bevestigt echter dat het hof terecht heeft vastgesteld dat partijen bewust van de wettelijke maatstaven zijn afgeweken, waardoor wijziging alleen mogelijk is bij een ingrijpende wijziging van omstandigheden volgens art. 1:159 lid 3 BW Pro.
Het hof heeft ook geoordeeld dat de vrouw nog steeds behoefte heeft aan alimentatie, mede gelet op haar leeftijd en het feit dat zij tijdens het huwelijk niet in eigen levensonderhoud voorzag. De Hoge Raad vindt dit oordeel begrijpelijk en voldoende gemotiveerd. De klachten van de man falen en het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de alimentatieregeling blijft ongewijzigd.