ECLI:NL:PHR:2005:AT5898
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Belastingrechtelijke beoordeling van converteerbare obligatielening met kasvariant bij afwikkeling in contanten
In deze zaak staat centraal de fiscale behandeling van een converteerbare obligatielening uitgegeven door X N.V., waarbij de vennootschap het recht heeft om conversie van obligaties in aandelen af te wikkelen door betaling van een contant bedrag (de kasvariant). De vraag is of de betalingen via de kasvariant als aftrekbare bedrijfslast mogen worden beschouwd en hoe valutakoersresultaten moeten worden behandeld.
De Hoge Raad bevestigt dat het conversierecht deel uitmaakt van het in de obligatie belichaamde vermogensrecht en dat de afwikkeling via de kasvariant gelijkgesteld kan worden aan conversie in aandelen. Hierdoor behoren de betalingen niet tot de aftrekbare rente, maar tot de kapitaalsfeer. De vennootschap kan de vergoeding voor het conversierecht niet als bedrijfslast aftrekken. Ook wordt geoordeeld dat valutakoerswinsten bij aflossing in contanten niet automatisch buiten de winst vallen; het hof heeft een valutawinst toegerekend die de Hoge Raad vernietigt vanwege een onjuiste uitleg van een eerder arrest.
De Hoge Raad wijst op het hybride karakter van converteerbare obligaties en bespreekt uitgebreid de jurisprudentie over de fiscale positie van conversierechten, warrants en werknemersopties. Daarbij wordt benadrukt dat de mogelijkheid tot afkoop van het conversierecht via contante betaling het karakter van converteerbare obligaties niet verandert. De zaak bevat tevens een analyse van de fiscale gevolgen van valutakoersschommelingen bij conversie en aflossing.
Uiteindelijk vernietigt de Hoge Raad het arrest van het hof en de uitspraak van de inspecteur, vermindert de aanslag en bevestigt dat de kasvariant fiscaal gelijkgesteld wordt aan conversie in aandelen, waarbij de waardeveranderingen in de kapitaalsfeer liggen en niet als bedrijfslast aftrekbaar zijn.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofarrest en de uitspraak van de inspecteur, vermindert de aanslag en bevestigt dat de kasvariant fiscaal gelijkgesteld wordt aan conversie in aandelen met waardeveranderingen in de kapitaalsfeer.