ECLI:NL:PHR:2006:AX6246
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid Bureau voor Rechtshulp voor schade door onjuiste WW-informatie
In deze zaak staat de aansprakelijkheid van het Bureau voor Rechtshulp centraal wegens een beroepsfout van een juridisch adviseur die de cliënt onjuist informeerde over zijn WW-rechten. Dit leidde tot een formele ontbinding van de arbeidsovereenkomst en financiële schade voor de cliënt. De rechtbank wees de vordering af wegens onvoldoende causaal verband, maar het hof vernietigde dit en veroordeelde het bureau tot schadevergoeding op te maken bij staat.
De Hoge Raad oordeelt dat de verwijzing naar de schadestaatprocedure passend is wanneer de aansprakelijkheid erkend wordt maar het causaal verband en de omvang van de schade nog onduidelijk zijn. De rechter hoeft de schade niet exact te begroten maar moet aannemelijkheid van schade aannemen om doorverwijzing toe te staan. De klachten dat het hof onterecht de zaak splitste en dat het oordeel onbegrijpelijk was, worden verworpen.
De Hoge Raad benadrukt dat de schadestaatprocedure niet alleen dient voor schadebegroting maar ook voor het onderzoeken van causaal verband, eigen schuld en andere schadebeperkende factoren. De uitspraak bevestigt dat een veroordeling tot schadevergoeding op te maken bij staat een eindbeslissing is en dat het hof bevoegd was het bureau in de proceskosten te veroordelen. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de verwijzing naar schadestaatprocedure bevestigd.