ECLI:NL:PHR:2006:AY7927
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid voor schade door duw in café na struikeling
Op 29 april 2001 ontstond een incident in een café waarbij eiser, staande in de deuropening, door verweerder onverwachts krachtig tegen de schouder werd geduwd. Hierdoor verloor eiser zijn evenwicht en struikelde, wat leidde tot letsel aan zijn linkervoet.
Eiser stelde verweerder aansprakelijk voor de schade en vorderde een verklaring voor recht. De rechtbank oordeelde aanvankelijk in verstek tegen verweerder, maar in de verzetprocedure stelde zij vast dat er slechts sprake was van een ongelukkige samenloop van omstandigheden zonder onrechtmatig handelen van verweerder. Het hof bekrachtigde dit oordeel in hoger beroep.
De Hoge Raad toetste of het duwen onrechtmatig was volgens de waarschijnlijkheidsnorm: een gedraging is onrechtmatig indien het risico op een ongeval zo groot is dat men zich van dat gedrag moet onthouden. Het hof had geoordeeld dat het duwen niet onrechtmatig was omdat het risico niet zodanig groot is. De Hoge Raad bevestigde dit oordeel, stellende dat dagelijks veelvuldig duwen voorkomt zonder ernstige gevolgen, en dat er geen bijzondere omstandigheden waren die het risico verhoogden.
Daarnaast werd een verklaring van verweerder waarin aansprakelijkheid werd erkend, door het hof niet als doorslaggevend beschouwd omdat deze verklaring niet uit vrije wil was afgelegd en niet de juridische aansprakelijkheid bevestigde. De Hoge Raad vond het oordeel van het hof hierover begrijpelijk en niet onredelijk.
De Hoge Raad concludeerde tot verwerping van het cassatieberoep en bevestigde dat het gedrag van verweerder niet onrechtmatig was en dat hij niet aansprakelijk is voor de schade van eiser.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat het duwen niet onrechtmatig is en verweerder niet aansprakelijk is voor de schade.