ECLI:NL:PHR:2007:AZ6641
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van de rol van het Besluit luchtkwaliteit bij onteigening voor bestemmingsplanverkeer
In deze zaak vordert de gemeente onteigening van percelen van eiser ten behoeve van de uitvoering van een bestemmingsplan voor een verkeersweg. Eiser betwist de onteigeningstitel onder meer omdat volgens hem onvoldoende onderzoek is gedaan naar de gevolgen voor de luchtkwaliteit, zoals vereist door artikel 5 van Pro het Besluit luchtkwaliteit 2001.
De Hoge Raad stelt vast dat het Besluit luchtkwaliteit grenswaarden stelt die bestuursorganen bij de uitoefening van bepaalde bevoegdheden in acht moeten nemen, maar dat de bevoegdheid tot het nemen of goedkeuren van een onteigeningsbesluit niet tot die bevoegdheden behoort. Het milieubelang wordt beschermd via de bestemmingsplanprocedure, niet via de onteigeningsprocedure.
De Hoge Raad bevestigt eerdere jurisprudentie dat milieubezwaren zoals het ontbreken van een milieu-effectrapportage of mogelijke staatssteun niet kunnen worden aangevoerd in het onteigeningsgeding. Bezwaren over luchtkwaliteit moeten in de bestuursrechtelijke procedure tegen het bestemmingsplan worden ingebracht.
Eiser kan zich niet beroepen op het Besluit luchtkwaliteit in de onteigeningsprocedure, ook niet als het bestemmingsplan vóór inwerkingtreding van het Besluit is vastgesteld, omdat de bestemmingsplanprocedure ook na die datum mogelijkheden bood voor bezwaar. De Hoge Raad verwerpt het cassatiemiddel en bevestigt dat de onteigeningsrechter niet bevoegd is om de rechtmatigheid van het onteigeningsbesluit te toetsen aan het Besluit luchtkwaliteit.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatiemiddel en bevestigt dat bezwaren over het Besluit luchtkwaliteit niet in de onteigeningsprocedure kunnen worden ingebracht.