ECLI:NL:PHR:2007:BA0864
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs van opzet bij gevaarlijk rijgedrag na stopteken politie
Op 29 september 2004 reed verdachte in Nijmegen met een BMW nadat hij een stopteken van een politiebrigadier kreeg. Hij reed met toenemende snelheid op de agent af, die moest uitwijken om een aanrijding te voorkomen. Verdachte ontkende bestuurder te zijn, maar ooggetuige herkende hem duidelijk.
Het hof veroordeelde verdachte voor het veroorzaken van gevaar op de weg, maar sprak hem vrij van opzet op zwaar lichamelijk letsel of dood. De verdediging verzocht om het horen van een anonieme informant, maar het hof gebruikte diens verklaring niet als bewijs en hoefde daarom niet op het verzoek te beslissen.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof terecht het verzoek tot het horen van de informant niet in behandeling nam, omdat het verzoek voorwaardelijk was en het bewijs niet op diens verklaring was gebaseerd. Ook was er geen sprake van tegenstrijdige bewezenverklaringen. Het cassatieberoep werd verworpen en de vrijspraak gehandhaafd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de vrijspraak van opzet op zwaar lichamelijk letsel of dood wordt gehandhaafd.