ECLI:NL:PHR:2007:BA5019
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing beroep op vrijwillige terugtred bij mislukte poging tot overval
Op 11 maart 2004 probeerden verdachte en haar mededaders een overval te plegen op een sigarenwinkel in Amsterdam. Tijdens de overval bedreigde een medeverdachte de eigenaresse met een vuurwapen, maar deze reageerde onverschillig, waardoor de overval niet kon worden voltooid en verdachte de winkel verliet.
Het hof oordeelde dat deze terugtred niet vrijwillig was, omdat het vertrek van verdachte werd veroorzaakt door een omstandigheid die buiten haar wil lag, namelijk de niet onder de indruk zijnde eigenaresse. Verdachte beriep zich op vrijwillige terugtred, maar dit werd verworpen.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verduidelijkte dat bij een mislukte poging waarbij het misdrijf niet is voltooid door een omstandigheid onafhankelijk van de wil van de verdachte, geen sprake is van vrijwillige terugtred. Dit volgt uit artikel 46b Sr en eerdere jurisprudentie. Het beroep van verdachte werd verworpen en de veroordeling tot jeugddetentie en taakstraf bleef in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de verdachte niet vrijgesteld is van straf wegens vrijwillige terugtred omdat de poging tot overval mislukte door een omstandigheid buiten haar wil.