ECLI:NL:PHR:2008:BC9015
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over bevoegdheid Nederlandse rechter bij beslag in buitenland in verband met Europees aanhoudingsbevel
Klager werd op 17 april 2005 in Spanje aangehouden op basis van een Europees aanhoudingsbevel van Nederland. Tijdens de aanhouding werd een auto en mogelijk andere goederen in beslag genomen. Klager verzocht om teruggave van deze goederen nadat de strafzaak tegen hem was geseponeerd. De rechtbank verklaarde het klaagschrift deels niet-ontvankelijk omdat het beslag volgens haar moest worden opgeheven op de plaats waar het was gelegd, namelijk Spanje.
De Hoge Raad stelt dat, ook wanneer beslag in het buitenland is gelegd in verband met een Europees aanhoudingsbevel, de Nederlandse rechter bevoegd is om te oordelen over het voortduren van dat beslag op grond van artikel 552a Sv. De rechtbank had ten onrechte aangenomen dat alleen de buitenlandse regels van toepassing waren en dat de Nederlandse rechter niet bevoegd was.
De Hoge Raad benadrukt dat bij een Europees aanhoudingsbevel ook beslag kan worden gelegd op verzoek van de Nederlandse autoriteiten en dat de Nederlandse rechter in dat geval kan toetsen of het belang van strafvordering het beslag nog rechtvaardigt. De zaak wordt vernietigd en terugverwezen voor hernieuwde beoordeling waarbij de Nederlandse rechter de bevoegdheid heeft om over het beslag te oordelen.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking van de rechtbank en verwijst de zaak terug voor hernieuwde beoordeling waarbij de Nederlandse rechter bevoegd is te oordelen over het beslag.