ECLI:NL:PHR:2008:BD1847
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over verplichting werknemer tot acceptatie functiewijziging bij overname en integratie onderneming
De zaak betreft een arbeidsrechtelijk geschil tussen een werknemer, die als technisch directeur werkzaam was bij Mammoet, en zijn werkgever. Na de overname van Mammoet door een andere vennootschap ([A]) werd de werknemer geconfronteerd met een functiewijziging vanwege integratie van ondernemingen. De werknemer weigerde de nieuwe functie te aanvaarden en stelde dat hij recht had op doorbetaling van loon en bonussen.
De kantonrechter en het hof oordeelden dat de werknemer op redelijke voorstellen van de werkgever, verband houdende met gewijzigde omstandigheden op het werk, in het algemeen positief behoort in te gaan en dat weigering alleen geoorloofd is als aanvaarding redelijkerwijs niet van hem kan worden gevergd. Het hof stelde dat het voorstel van Mammoet redelijk was en dat de werknemer onredelijk handelde door het af te wijzen.
De Hoge Raad bevestigt deze maatstaf en bespreekt uitgebreid de verhouding tussen art. 7:611 BW Pro (goed werkgeverschap en goed werknemerschap) en art. 7:613 BW Pro (eenzijdige wijziging van arbeidsvoorwaarden). De Hoge Raad oordeelt dat de toets van art. 7:611 BW Pro en de Taxi Hofman-formule een mildere redelijkheidstoets is dan de zwaardere onaanvaardbaarheidsmaatstaf van art. 7:613 BW Pro, en dat beide normen hun eigen toepassingsgebied hebben. De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor heroverweging.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest en verwijst zaak terug voor heroverweging met bevestiging van de toepassing van de Taxi Hofman-formule.