ECLI:NL:PHR:2008:BG6762
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt veroordeling ondanks onregelmatigheden geurproeven in meervoudige woninginbraken
De zaak betreft een herzieningsverzoek van een veroordeelde wegens meervoudige woninginbraken en medeplegen van opzetheling, waarbij geuridentificatieproeven als bewijsmiddel waren gebruikt. Uit intern onderzoek bleek dat de geurproeven in de periode 1997-2006 niet conform protocol waren uitgevoerd, waardoor de betrouwbaarheid van deze proeven onvoldoende was.
De verdachte stelde dat zonder de geurproeven de bewijsvoering onvoldoende was en dat het hof de zaak anders had moeten beoordelen. De Hoge Raad overwoog dat geurproeven die niet volgens protocol zijn uitgevoerd, niet als betrouwbaar bewijs kunnen gelden. Echter, de verklaringen van medeverdachten en ander bewijs waren voldoende om de veroordeling te dragen.
De Hoge Raad concludeerde dat het niet aannemelijk is dat zonder de geurproeven de feitenrechter tot een andere beslissing zou zijn gekomen. Daarom is er geen ernstig vermoeden dat de verdachte vrijgesproken zou zijn geweest. De herzieningsaanvraag wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de herzieningsaanvraag ongegrond en bevestigt de veroordeling van twaalf maanden gevangenisstraf.