ECLI:NL:PHR:2009:AU9529
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad oordeelt over omzetbelastingheffing bij verzelfstandiging gemeentelijke sportvoorzieningen
De zaak betreft de omzetbelastingheffing over een door de gemeente aan een gemeentelijk verzelfstandigd lichaam verstrekte budgetsubsidie voor het beheer en de exploitatie van sportaccommodaties. De belanghebbende was opgericht door de gemeente en beheerde de sportvoorzieningen op basis van een meerjaren- en prestatieovereenkomst. De Inspecteur legde naheffingsaanslagen op omdat hij de subsidie als vergoeding voor een belaste prestatie aanmerkte.
Het Hof Leeuwarden oordeelde dat sprake was van een belaste dienst en dat de gemeente als verbruiker van die dienst kon worden gezien, waardoor omzetbelasting verschuldigd was. De belanghebbende stelde onder meer dat de subsidie niet belastbaar was omdat er geen verbruik of voordeel bij de gemeente was, dat de Toelichting Gemeenten vrijstelling bood, en dat artikel 31 Wet Pro OB van toepassing was vanwege overgang van een algemeenheid van goederen.
De Hoge Raad bevestigt dat de belanghebbende ondernemer is en dat de subsidie niet als prijssubsidie kan worden aangemerkt. De Hoge Raad oordeelt dat het Hof ten onrechte niet heeft onderzocht of de gemeente na de verzelfstandiging nog een ondernemingssfeer heeft ten aanzien van de afname van de diensten van de belanghebbende. Dit is essentieel voor de vraag of omzetbelasting verschuldigd is. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en verwijst de zaak terug voor nader feitelijk onderzoek.
Daarnaast bespreekt de Hoge Raad de toepassing van artikel 31 Wet Pro OB en het begrip vergoeding inclusief omzetbelasting. De Hoge Raad acht het onjuist dat de omzetbelasting niet in de subsidie is begrepen, en overweegt dat de belasting op een netto vergoeding moet worden berekend indien de subsidie niet is verhoogd met BTW. De overige middelen faalden, behalve het middel over de Toelichting Gemeenten dat gegrond werd verklaard.
Uitkomst: Het arrest van het Hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nader onderzoek naar de ondernemingssfeer van de gemeente.