ECLI:NL:PHR:2009:BF1321
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening in complexe Enschedese ontuchtzaak met meerdere minderjarige slachtoffers
Deze zaak betreft een verzoek tot herziening van een onherroepelijke veroordeling in een omvangrijke en complexe zedenzaak uit Enschede, waarin meerdere minderjarige slachtoffers betrokken zijn.
De feiten betreffen ernstige seksuele misdrijven gepleegd in de periode 1996-1999, waarbij geweld, bedreiging en geestelijk overwicht werden gebruikt om kinderen te dwingen tot ontuchtige handelingen. Het bewijs bestond voornamelijk uit verklaringen van slachtoffers en getuigen, medische rapporten en politieprocessen-verbaal. Diverse deskundigen hebben de betrouwbaarheid van verklaringen onderzocht, waarbij uiteenlopende conclusies werden getrokken.
Het verzoek tot herziening werd mede gebaseerd op kritiek op de verhoormethoden, mogelijke beïnvloeding van getuigen, het ontbreken van bepaalde processtukken in het dossier en de rol van een halfzus die een prominente rol speelde bij het afleggen van verklaringen. Een driemanschap van de Commissie Evaluatie Afgesloten Strafzaken (CEAS) concludeerde dat geen relevante informatie was achtergehouden die tot een ander oordeel had kunnen leiden.
De Hoge Raad bevestigt dat herziening slechts in uitzonderlijke gevallen mogelijk is en dat de aangevoerde kritiek geen novum van feitelijke aard oplevert dat tot vrijspraak zou leiden. De rechtbank en het hof hebben de bezwaren onderzocht en verworpen. De afweging tussen belangen van slachtoffers en verdachten werd zorgvuldig gemaakt. Het verzoek tot herziening wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening wordt afgewezen en de veroordeling blijft onherroepelijk.