ECLI:NL:PHR:2009:BJ2767
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Cassatie over bewijsvoering en zwijgrecht bij medeplegen verduistering kleding
In deze zaak werd verdachte door het Gerechtshof te 's-Gravenhage veroordeeld voor medeplegen van verduistering van 73 kartons Tommy Hilfiger kleding uit een bedrijfslocatie. De diefstal vond plaats tussen 15 en 22 september 2004, waarbij camerabeelden, getuigenverklaringen en telefooncontacten als bewijsmiddelen werden ingezet.
Verdachte stelde in cassatie onder meer dat het hof ten onrechte een kennelijk leugenachtige getuigenverklaring voor het bewijs had gebruikt en dat het hof onrechtmatig het zwijgen van verdachte had meegewogen in zijn overtuiging. De Hoge Raad overwoog dat het hof de leugenachtige verklaring terecht niet als bewijs heeft gebruikt en dat het zwijgen van verdachte alleen als motivering voor de bewijswaardering mag worden betrokken, niet als zelfstandig bewijs.
De Hoge Raad verwierp de cassatiemiddelen en oordeelde dat de bewezenverklaring voldoende was gemotiveerd en dat het verzuim van het hof niet tot cassatie leidt. Daarmee bleef de veroordeling van verdachte tot twee maanden gevangenisstraf in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling van verdachte tot twee maanden gevangenisstraf wegens medeplegen van verduistering.