ECLI:NL:PHR:2009:BJ6020
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid gemeente voor onrechtmatige daad van ambtenaar tijdens werktijd in pauzeruimte
In deze zaak vordert een ambtenaar schadevergoeding van de gemeente Utrecht wegens een onrechtmatige daad gepleegd door een collega-ambtenaar tijdens werktijd in een door de gemeente ter beschikking gestelde pauzeruimte. De collega had een houdgreep toegepast die leidde tot arbeidsongeschiktheid van de eiser.
De Rechtbank oordeelde dat de gemeente aansprakelijk is op grond van artikel 6:170 BW Pro omdat de fout binnen de werksfeer en tijdens werktijd plaatsvond, met voldoende zeggenschap van de gemeente over de gedragingen. Het Hof vernietigde dit oordeel en stelde dat de kans op de fout niet door de taak was vergroot, waardoor de gemeente niet aansprakelijk was.
De Hoge Raad stelt dat het functionele verband tussen de fout en de werkzaamheden ruim moet worden uitgelegd, waarbij alle omstandigheden van het geval, zoals tijd, plaats, aard van de gedraging en de werksfeer, moeten worden betrokken. De gelegenheid voor de fout werd mede geschapen door het dienstverband en de werksfeer waarin collegiaal stoeien normaal was. De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak terug voor heroverweging.
Daarnaast oordeelt de Hoge Raad dat de benadeelde ambtenaar vrij is om zijn vordering tot schadevergoeding op grond van onrechtmatige daad bij de burgerlijke rechter in te dienen, ondanks een formele rechtskracht van een bestuursrechtelijk besluit van de gemeente. Er geldt een uitzondering op de formele rechtskracht voor zuivere schadebesluiten, waardoor de toegang tot de burgerlijke rechter niet kan worden geblokkeerd.
De zaak belicht tevens de complexe verhouding tussen bestuursrechtelijke en civielrechtelijke rechtsbescherming van ambtenaren bij schadeclaims, waarbij de Hoge Raad benadrukt dat aansprakelijkheid op grond van artikel 6:170 BW Pro civielrechtelijk van aard is en losstaat van ambtenarenrechtelijke procedures.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak terug voor heroverweging van de aansprakelijkheid van de gemeente op grond van artikel 6:170 BW.