ECLI:NL:PHR:2010:BK2885
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over overmacht en noodtoestand bij telen van hennep voor medicinale cannabis
In deze zaak stond de vraag centraal of het telen van hennep voor eigen medicinale cannabisgebruik onder overmacht of noodtoestand valt en daarmee strafbaar is. Verdachte teelde hennepplanten en had aanzienlijke hoeveelheden hasjiesj in huis, die hij gebruikte vanwege medische aandoeningen waaronder tongkanker. Hij voerde aan dat het gebruik van zelfgekweekte biologische cannabis noodzakelijk was vanwege de inferieure kwaliteit van apotheek- en coffeeshopcannabis en dat dit gebruik ook een religieus ritueel betrof.
Het hof verwierp het beroep op overmacht en noodtoestand, oordeelde dat het verbod op hennepteelt en bezit noodzakelijk is in een democratische samenleving ter bescherming van de volksgezondheid en veiligheid, en dat het gedoogbeleid niet van toepassing was op de hoeveelheid en planten die verdachte had. Het hof maakte onderscheid tussen cannabis en hasjiesj en vond dat de verdediging onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de situatie noodtoestand rechtvaardigde.
De Hoge Raad vernietigt het arrest voor zover het de strafbaarheid en strafoplegging betreft, omdat het hof onvoldoende gemotiveerd heeft waarom het noodtoestandverweer is verworpen. De zaak wordt terugverwezen naar het hof Amsterdam voor hernieuwde beoordeling van het beroep op noodtoestand en de strafbaarheid. Andere middelen van cassatie worden verworpen.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest en verwijst zaak terug voor hernieuwde beoordeling van noodtoestandverweer en strafbaarheid.