ECLI:NL:HR:2010:BK2885
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J.W. Ilsink
- H.A.G. Splinter-van Kan
- W.F. Groos
- M.A. Loth
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing beroep op noodtoestand bij telen hennep voor medicinale toepassing
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor het opzettelijk aanwezig hebben van meer dan 30 gram hennep en hasjiesj in zijn woning te Amsterdam. Verdachte gaf aan dat hij de hennep teelde voor eigen gebruik en dat van zijn echtgenote en schoonzoon, die allen op doktersvoorschrift medicinale cannabis gebruikten vanwege ernstige gezondheidsklachten.
Het hof erkende de medische noodzaak en het feit dat verdachte oprecht was in zijn beweegredenen, maar maakte een onderscheid tussen de zelf gekweekte cannabis en de aangetroffen hasjiesj. Het hof vond dat het beroep op noodtoestand, waarbij het maatschappelijk belang bij naleving van de Opiumwet zou moeten wijken voor het eigen belang van verdachte en zijn familie, niet aannemelijk was en verwierp het verweer.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en herhaalde dat een beroep op noodtoestand in dergelijke gevallen slechts bij hoge uitzondering kan worden aanvaard. De Hoge Raad vond dat het hof voldoende gemotiveerd had geoordeeld dat de feiten en omstandigheden geen overmacht in de zin van noodtoestand opleverden.
Daarnaast constateerde de Hoge Raad een overschrijding van de redelijke termijn, maar zag geen aanleiding om hieraan rechtsgevolgen te verbinden. Het cassatieberoep werd verworpen en de zaak werd terugverwezen voor hernieuwde behandeling van de strafoplegging.
Uitkomst: Het beroep op noodtoestand werd verworpen en het cassatieberoep afgewezen, met terugwijzing voor hernieuwde strafoplegging.