ECLI:NL:PHR:2010:BK9727
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over ontvankelijkheid OM en uitleg samenscholingsverbod in Utrecht
In deze zaak oordeelt de Hoge Raad over twee hoofdpunten: de ontvankelijkheid van het openbaar ministerie in hoger beroep en de uitleg van het samenscholingsverbod in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van Utrecht. De officier van justitie had tegen een vonnis van de kantonrechter een verkeerd rechtsmiddel ingesteld, namelijk cassatie in plaats van hoger beroep. De Hoge Raad bevestigt dat in beginsel het OM niet-ontvankelijk is bij het instellen van een onjuist rechtsmiddel, maar in deze zaak is de fout tijdig hersteld en heeft het hof het OM terecht ontvankelijk verklaard.
Ten aanzien van het samenscholingsverbod oordeelt de Hoge Raad dat het begrip 'samenscholing' in artikel 10 APV Pro Utrecht een negatieve connotatie heeft en afhankelijk is van de omstandigheden, waaronder de duur van het samenkomen en de context van openbare ordeverstoring. Het hof had echter een te ruime uitleg gegeven door te concluderen dat het enkel samenkomen van vijf jongeren in een probleemwijk al samenscholing oplevert, zonder dat sprake was van een daadwerkelijke verstoring van de openbare orde of dreigende houding. Hierdoor is het hof van een onjuiste rechtsopvatting uitgegaan en is het arrest vernietigd.
De Hoge Raad benadrukt ook dat het samenscholingsverbod een wettelijke basis heeft en voldoet aan het bepaaldheidsbeginsel, mede doordat verdachte schriftelijk op de hoogte was gesteld van het verbod. De zaak speelt zich af tegen de achtergrond van overlast in de Utrechtse wijk Kanaleneiland-Noord, waar het samenscholingsverbod werd gehandhaafd om de openbare orde te beschermen.
De Hoge Raad beveelt na vernietiging van het arrest dat de zaak zonder inhoudelijk onderzoek wordt afgedaan en de dagvaarding nietig wordt verklaard vanwege de onduidelijkheid in de tenlastelegging.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens een te ruime uitleg van het samenscholingsverbod; het OM is ontvankelijk verklaard ondanks het verkeerde rechtsmiddel.