1 Bedoeld is kennelijk de oproeping voor de terechtzitting in eerste aanleg. Ingevolge art. 511b, derde lid, Sv wordt de ontnemingsvordering aan de betrokkene betekend, terwijl die vordering op grond van art. 511b, vierde lid, Sv mede de oproeping behelst om ter terechtzitting te verschijnen.
2 Zie vorige noot.
3 Volgens de akte is de oproeping aldaar niet uitgereikt, omdat volgens mededeling van degene die zich op dit adres bevond "de geadresseerde daar niet woont noch verblijft".
4 Vanaf 25 oktober 1993 tot 19 juli 1995 stond verzoeker eveneens in de GBA op dit adres in [plaats] ingeschreven.
5 Deze akte van uitreiking waaraan zowel de mededeling uitspraak in de ontnemingszaak als de mededeling uitspraak in de strafzaak zijn gehecht, bevindt zich bij de stukken van het geding van de samenhangende strafzaak.
6 Kennelijk is beoogd door middel van deze akte zowel hoger beroep in te stellen tegen de beslissing van de rechtbank in de ontnemingszaak als tegen het vonnis van de rechtbank in de strafzaak, nu de rechtbank in beide zaken op 3 november 2005 uitspraak heeft gedaan en beide uitspraken hetzelfde parketnummer hebben (dit parketnummer staat op de akte vermeld). Ook deze akte bevindt zich bij de stukken van het geding van de samenhangende strafzaak.
7 Uit het aan de aanzegging in cassatie gehechte GBA-overzicht van 15 augustus 2008 volgt dat verzoeker vanaf 4 december 2006 tot 24 oktober 2007 op dit adres in [plaats] ingeschreven stond in de GBA. Volgens dit GBA-overzicht is verzoeker vanaf 24 oktober 2007 vertrokken naar Marbella (Spanje).
8 Vgl. HR 12 maart 2002, LJN AD5163, NJ 2002, 317, m.nt. Sch, rov. 3.24 sub b.
9 Art. V (overgangsbepaling) van de wet van 23 maart 2005 tot wijziging en aanvulling van een aantal bepalingen in het Wetboek van Strafvordering met betrekking tot de betekening van gerechtelijke mededelingen in strafzaken (Stb. 175), in verbinding met het besluit van 3 juni 2005 tot vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van voornoemde wet (Stb. 293).
10 Zie HR 2 juni 2009, LJN BI1022 (het door verdachte bij het instellen van het hoger beroep opgegeven adres is een in de GBA geregistreerd adres dat door de emigratie van verdachte is achterhaald). Vgl. HR 13 januari 2009, LJN BG4240, NJ 2009, 59 (het in de appelakte vermelde adres is het oude, achterhaalde GBA-adres van verdachte, welk adres niet kan worden beschouwd als een adres als bedoeld in art. 588a, eerste lid onder c, Sv). Anders HR 20 februari 2007, LJN AZ3889 (uit de stukken volgt niet dat het in de appelakte vermelde adres ten tijde van de betekening van de appeldagvaarding als achterhaald zou moeten worden beschouwd).
11 Vgl. HR 12 april 2005, NS 2005, 189.
12 Vgl. HR LJN AD5163, NJ 2002, 317, m.nt. Sch, rov. 3.19.
13 Vgl. HR LJN AD5163, NJ 2002, 317, m.nt. Sch, rov. 3.20 onder a.
14 Vgl. HR LJN BI1022, HR 6 juli 2004, NS 2004, 313 en HR 4 februari 2003, LJN AF2321. Anders HR 8 november 2005, LJN AU1649, NJ 2006, 160 (het doen van navraag bij de gemeente is zinloos, nu het GBA-overzicht vermeldt dat verdachte is vertrokken "naar land onbekend").
15 [Plaats] is een redelijk grote stad in het zuiden van de provincie British Colombia in Canada. Enig speurwerk op internet (in de digitale encyclopedie Wikipedia) heeft mij voorts geleerd dat de stad op de 37-ste plaats in de top-100 van grootste stedelijke gebieden in Canada staat en dat de stad in 2006 81.380 inwoners telde (www.[...].ca). In ieder geval kan worden aangenomen dat het hier niet gaat om een zodanig kleine plaats, dat alle daarheen verzonden post ongeacht het gebruik van nadere adresgegevens de geadresseerde altijd wel zal bereiken.
16 Het hof heeft ten aanzien van de betalingsverplichting aanleiding gezien om het vastgestelde wederrechtelijk verkregen voordeel van € 109.427,25 te delen door drie, omdat aannemelijk is geworden dat niet alleen verzoeker maar ook twee andere personen voordeel hebben genoten. Bij gebreke van aanknopingspunten voor een andere verdeling is het hof uitgegaan van een pond-ponds gewijze verdeling van het voordeel.
17 Vgl. HR 9 juni 2009, LJN BI0517, HR 18 november 2008, NS 2009, 9, HR 28 augustus 2007, LJN BA5629, NJ 2008, 96, m.nt. JR, HR 14 februari 2006, LJN AU8125, NJ 2006, 165 en HR 5 juli 2005, LJN AT5797.