ECLI:NL:PHR:2010:BM6079
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over ziektebegrip en recht op loon bij arbeidsongeschiktheid
De zaak betreft de vraag of eiser ziek was in de zin van artikel 7:629 BW Pro en daardoor recht had op doorbetaling van loon. Eiser was in dienst bij I-Control en meldde zich ziek, waarna discussie ontstond over zijn arbeidsongeschiktheid en de beëindiging van zijn arbeidsovereenkomst.
Het hof oordeelde dat eiser niet ziek was, maar onvoldoende capaciteiten bezat voor zijn functie, en wees zijn loonvordering af. De Hoge Raad bevestigt dat onder ziekte ook situatieve arbeidsongeschiktheid valt, waarbij beperkingen van medische aard door omstandigheden in de werksfeer worden bedoeld.
Echter, het hof heeft terecht geoordeeld dat eiser niet ziek was, maar ongeschikt vanwege gebrek aan capaciteiten. Het bewijsaanbod van eiser werd terecht verworpen omdat het niet gericht was tegen de vaststaande feiten. Ook zijn loonvordering over de latere periode werd afgewezen vanwege onvoldoende medewerking aan re-integratie.
De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt het oordeel dat er geen recht op loonbetaling is wegens ziekte in de zin van de wet.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat eiser niet ziek was in de zin van art. 7:629 BW en wijst zijn loonvordering af.