ECLI:NL:PHR:2011:BO4059
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verzoek tot horen getuige in cassatie strafzaak medeplegen valsheid in geschrift
In deze strafzaak is verdachte door het Gerechtshof te 's-Gravenhage veroordeeld wegens medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met de Opiumwet en medeplegen van meermalen gepleegde valsheid in geschrift tot een gevangenisstraf van vijf maanden.
Verdediging stelde in hoger beroep dat de verklaringen van een getuige, [betrokkene 1], onbetrouwbaar waren en verzocht om haar als getuige te horen om de betrouwbaarheid te toetsen. Dit verzoek werd door het hof afgewezen omdat het verzoek laat werd ingediend en het bewijs niet uitsluitend op deze getuige steunde.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof de juiste maatstaf heeft toegepast door het noodzaakcriterium te hanteren en dat het hof voldoende heeft gemotiveerd waarom het verzoek werd afgewezen. De verdediging heeft het verzoek onvoldoende onderbouwd en het hof mocht ervan uitgaan dat de verklaringen betrouwbaar waren. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bevestigd.