ECLI:NL:PHR:2011:BQ4313
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling ambtenaar voor ambtelijke omkoping bij bouwfraude in Hoorn
De zaak betreft een ambtenaar, directeur gemeentewerken van de gemeente Hoorn, die tussen 1992 en 2002 giften heeft aangenomen van bedrijven behorend tot een concern, waaronder een personenauto en het gebruik van een appartement. Deze giften waren bedoeld om hem te bewegen in strijd met zijn plicht te handelen, onder meer door bevoordeling bij aanbestedingen van bouwprojecten.
Het gerechtshof heeft de verdachte veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke taakstraf van 100 uren met een proeftijd van twee jaar, maar sprak hem vrij van een deel van de tenlastelegging wegens onvoldoende bewijs. De Hoge Raad corrigeerde een kennelijke misslag in de bewezenverklaring door de vrijgesproken passage te verwijderen, maar oordeelde dat dit niet leidt tot integrale vrijspraak.
De verdediging betwistte de betrouwbaarheid van getuigenverklaringen over de datum en aard van de giften, maar het hof achtte deze verklaringen consistent en betrouwbaar. De Hoge Raad vond geen reden om het oordeel van het hof te vernietigen en verwierp het cassatieberoep. Tevens werd het verzuim van de redelijke termijn geconstateerd, maar dit leidde niet tot strafvermindering.
De uitspraak bevestigt dat het aannemen van giften door een ambtenaar in ruil voor bevoordeling strafbaar is, ook als de concrete tegenprestatie niet volledig is gespecificeerd, en benadrukt het belang van feitelijke betekenis van de begrippen 'in strijd met zijn plicht' en 'in zijn bediening iets doen of nalaten'.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de veroordeling van de verdachte tot een geheel voorwaardelijke taakstraf wegens ambtelijke omkoping.