ECLI:NL:PHR:2011:BQ5099
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatigheid bouw reststoffenenergiecentrale zonder milieuvergunning niet vastgesteld
In deze zaak stond centraal of het bouwen van een ReststoffenEnergieCentrale (REC) zonder geldige milieuvergunning onrechtmatig was jegens de Stichting Afvaloven Nee en omwonenden. De bouw was gestart op basis van een bouwvergunning, maar de milieuvergunning was vernietigd en later opnieuw aangevraagd. De Stichting vorderde een bouwstop omdat volgens haar de bouw zonder milieuvergunning onrechtmatig was.
De voorzieningenrechter en het hof oordeelden dat het enkele bouwen zonder vergunning niet onrechtmatig is, tenzij aannemelijk is dat de milieuvergunning niet zal worden verleend. Het hof achtte aannemelijk dat de vergunning alsnog zou worden verleend en dat de belangen van Omrin bij voortzetting van de bouw zwaarder wogen dan het beperkte belang van de Stichting bij een bouwstop.
De Hoge Raad bevestigt deze lijn en benadrukt dat het ontbreken van een milieuvergunning niet automatisch leidt tot onrechtmatigheid. De rechter moet beoordelen of het handelen in strijd is met de normen die gelden voor het verkrijgen van een vergunning. Gezien de posteriore ontwikkelingen, waaronder de verlening van een milieuvergunning en voltooiing van de bouw, is de vordering tot bouwstop haar belang verloren. Het beroep wordt verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat bouwen zonder milieuvergunning niet onrechtmatig is indien aannemelijk is dat alsnog een vergunning wordt verleend en wijst de vordering tot bouwstop af.