ECLI:NL:PHR:2011:BR5216
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid en verjaring bij schade door asbestplaten en toepassing van verjaringstermijnen
In deze zaak staat de aansprakelijkheid van Nefalit B.V. centraal voor het in het verkeer brengen van asbestcement golfplaten die hebben geleid tot de blootstelling van [betrokkene 1] aan asbeststof en zijn daaropvolgende overlijden aan mesothelioom. De erven stelden Nefalit aansprakelijk wegens het nalaten te waarschuwen voor de gevaren van het bewerken van deze platen.
De Rechtbank en het Hof oordeelden dat de dertigjarige verjaringstermijn van artikel 3:310 lid 2 BW Pro van toepassing is, omdat de schade het gevolg is van verontreiniging van de lucht met asbestvezels. De korte verjaringstermijn van vijf jaar was niet verstreken omdat de erven pas in 2006 daadwerkelijk bekend werden met de identiteit van de aansprakelijke partij, mede door tegenwerking van de eigenaar van de manege waar de platen waren verwerkt.
De Hoge Raad bevestigt dat deze lange verjaringstermijn ook geldt voor vorderingen die niet op de bijzondere risicoaansprakelijkheid van art. 6:175 BW Pro zijn gebaseerd, maar op onrechtmatige daad wegens het in het verkeer brengen van gevaarlijke asbestplaten. Tevens wordt het beroep op verjaring door Nefalit afgewezen omdat de erven voldoende inspanningen hebben verricht om de identiteit van de producent vast te stellen. De zaak benadrukt de complexiteit van verjaring en aansprakelijkheid bij milieugerelateerde en productaansprakelijkheidszaken.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de toepassing van de dertigjarige verjaringstermijn en verwerpt het beroep op verjaring door Nefalit.