ECLI:NL:PHR:2012:BU9887
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring cassatieberoep wegens vormverzuim ondertekening advocaat
De zaak betreft een cassatieberoep van een gefailleerde tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem, waarin het hoger beroep niet-ontvankelijk werd verklaard. De gefailleerde stelde beroep in cassatie bij de Hoge Raad door middel van een verzoekschrift dat niet was ondertekend door een advocaat die is toegelaten tot de Hoge Raad, zoals vereist volgens artikel 426a lid 1 Rv.
De griffie attendeerde de betrokken advocaat telefonisch op dit vormverzuim, waarna herstel binnen twee weken mogelijk was door een exemplaar van het verzoekschrift alsnog te laten ondertekenen door een advocaat bij de Hoge Raad. Dit herstel is echter niet verricht.
Op grond van de jurisprudentie van de Hoge Raad (onder meer HR 10 juli 2009, LJN BI0773) leidt het niet tijdig herstellen van dit vormgebrek tot niet-ontvankelijkheid van het cassatieberoep. De Hoge Raad volstaat daarom met een verkorte conclusie en verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van de vereiste ondertekening door een advocaat bij de Hoge Raad en het niet tijdig herstellen hiervan.