ECLI:NL:PHR:2012:BV8290
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt strafoplegging en corrigeert aftrek uitleveringsdetentietijd bij WOTS-zaak
In deze zaak heeft de Rechtbank Breda verlof verleend tot tenuitvoerlegging van een twaalfjarige gevangenisstraf opgelegd door een Noorse rechter, waarbij de veroordeelde in Nederland een straf van acht jaar kreeg opgelegd. De veroordeelde stelde cassatie in tegen de strafoplegging, met name over de motivering en de toepassing van de hoeveelheid drugs bij de straftoemeting.
De Hoge Raad oordeelde dat de rechtbank terecht uitging van de bruto hoeveelheid amfetamine en dat de oriëntatiepunten van de LOVS niet bindend zijn in WOTS-zaken. Ook werd benadrukt dat internationale gevoeligheden een rol spelen bij de strafbepaling, waardoor de opgelegde straf niet zonder meer als onbegrijpelijk kan worden beschouwd.
Wel stelde de Hoge Raad vast dat de rechtbank had verzuimd te bevelen dat de tijd die de veroordeelde in Nederland in uitleveringsdetentie heeft doorgebracht, in mindering wordt gebracht op de opgelegde straf. Dit werd gecorrigeerd door de Hoge Raad, die de uitspraak vernietigde voor zover dit betreft en het bevel tot aftrek alsnog gaf.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de strafoplegging en beveelt aftrek van de in Nederland doorgebrachte uitleveringsdetentietijd.