ECLI:NL:PHR:2013:BZ7185
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap en verknochtheid onroerende zaak
Deze zaak betreft de verdeling van een onroerende zaak binnen een ontbonden huwelijksgoederengemeenschap. De rechtbank had het perceel aan eiser toegekend en een bedrag aan verweerster opgelegd wegens overbedeling. Het hof vernietigde dit voor wat betreft het bedrag en bepaalde een lager bedrag dat eiser aan verweerster moest betalen. Tevens gaf het hof eiser de keuze uit alternatieven voor de verdeling van schilderijen, boeken en halfedelstenen.
Eiser stelde in cassatie dat het perceel vanwege verknochtheid aan een stichting en op grond van redelijkheid en billijkheid buiten de gemeenschap moest blijven. De Hoge Raad oordeelde dat deze argumenten onvoldoende zijn om af te wijken van de hoofdregel dat het perceel in de gemeenschap valt. Ook het beroep op een 'verblijvingsbeding-situatie' werd niet aanvaard, mede omdat dit niet eerder was aangevoerd.
Verder was er discussie over de eigendom van een atelier en een romneyloods op het perceel. De Hoge Raad stelde vast dat het hof terecht kon terugkomen op eerdere interpretaties van de stellingen van partijen, omdat geen sprake was van een bindende eindbeslissing.
Ten slotte oordeelde de Hoge Raad dat het hof het voorstel van verweerster voor de verdeling van de roerende zaken mocht overnemen nadat partijen er niet uitkwamen, en eiser voldoende gelegenheid had gehad om te reageren. Het cassatieberoep werd verworpen, waarmee het hofarrest in stand bleef.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof Amsterdam wordt bekrachtigd.