Conclusie
middelbehelst de klacht dat het hof heeft verzuimd te onderzoeken of er reden was om het onderzoek ter terechtzitting te schorsen teneinde de betrokkene alsnog in de gelegenheid te stellen bij het onderzoek ter terechtzitting aanwezig te zijn, aangezien uit de stukken blijkt dat de betrokkene sinds 20 januari 2012 niet meer woonachtig was op het adres waar de “dagvaarding” [1] is betekend en de handtekening voor ontvangst niet overeenkomt met de handtekening van de betrokkene.