Conclusie
“verboden wapenbezit”en
“poging tot moord”veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van vijftien jaren, met aftrek als bedoeld in art. 27 Sr Pro. Voorts heeft het Hof beslist op de vordering van de benadeelde partij, een en ander zoals in het arrest vermeld.
eerste middelklaagt over de motivering van de onder 2 bewezenverklaarde voorbedachte raad.
tweede middelklaagt dat de redelijke termijn als bedoeld in art. 6 EVRM Pro in cassatie is overschreden, in die zin dat de stukken te laat, te weten, na verloop van de inzendtermijn van 6 maanden [4] , bij de Hoge Raad zijn ontvangen. Dit zou volgens de steller van het middel tot strafkorting moeten leiden.