ECLI:NL:PHR:2016:1208
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt strafoplegging wegens onvoldoende strafmotivering bij vervaardigen kinderporno
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden sprak verdachte vrij van meerdere feiten maar veroordeelde hem voor het vervaardigen van kinderpornografische afbeeldingen van een meisje van circa zes jaar tot een gevangenisstraf van 12 weken. Verdachte stelde in cassatie onder meer dat het hof niet voldoende had gemotiveerd waarom een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend was.
Het hof had vastgesteld dat verdachte zelf drie foto's had vervaardigd waarop het jonge meisje gedeeltelijk naakt was afgebeeld met nadrukkelijke weergave van haar geslachtsdelen. Verdachte hield het kind vast in poses die volgens het hof opzettelijk waren om seksuele prikkeling op te wekken. Het hof achtte verdachte licht verminderd toerekeningsvatbaar op basis van een psychologisch rapport.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof weliswaar de ernst van het delict en de bijzondere omstandigheden, zoals het feit dat het meisje aan de zorg van verdachte was toevertrouwd, had meegewogen, maar onvoldoende had gemotiveerd waarom een vrijheidsbenemende straf noodzakelijk was. Hierdoor schiet de strafmotivering tekort in strijd met artikel 359 lid 6 Sv Pro.
De Hoge Raad vernietigt daarom de strafoplegging en wijst de zaak terug aan het hof voor hernieuwde berechting en strafoplegging. Verder werd vastgesteld dat de redelijke termijn in hoger beroep was overschreden, wat bij de nieuwe strafoplegging in aanmerking kan worden genomen.
De zaak benadrukt het belang van een expliciete en voldoende gemotiveerde strafoplegging bij vrijheidsbenemende straffen, zeker bij ernstige delicten als kinderpornografie en de bijzondere omstandigheden van het slachtoffer.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de strafoplegging wegens onvoldoende strafmotivering en wijst de zaak terug voor hernieuwde berechting.