ECLI:NL:HR:2005:AS5874
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- J.P. Balkema
- A.J.A. van Dorst
- Rechtspraak.nl
Beoordeling seksuele afbeeldingen van minderjarige meisjes als seksuele gedragingen volgens art. 240b Sr
In deze strafzaak stond de vraag centraal of bepaalde foto's van meisjes tussen 7 en 12 jaar oud, waarop zij naakt of vrijwel naakt poseren met expliciete weergave van vagina en schaamhaar, als afbeeldingen van seksuele gedragingen in de zin van art. 240b Sr kunnen worden aangemerkt. Het hof had geoordeeld dat deze foto's inderdaad onder deze strafbepaling vallen, mede omdat de houding van de meisjes kennelijk was bedoeld om seksuele prikkeling op te wekken.
De bewezenverklaring berustte op diverse bewijsmiddelen, waaronder verklaringen van de verdachte, politieproces-verbalen, digitaal forensisch onderzoek en de eigen waarneming van het hof. De verdachte voerde verweer dat de foto's geen seksuele gedragingen zouden bevatten, maar dit werd door het hof verworpen.
De Hoge Raad toetste dit oordeel en concludeerde dat het hof niet onbegrijpelijk heeft geoordeeld dat de foto's seksuele gedragingen bevatten. De wetsgeschiedenis van art. 240b Sr benadrukt dat het gaat om bescherming van jeugdigen tegen seksuele exploitatie, waarbij ook het aannemen van een uitdagende houding onder omstandigheden als seksuele gedraging kan gelden.
Het cassatieberoep werd verworpen omdat het middel dat het oordeel van het hof aanvalt faalde en er geen andere gronden waren om het arrest te vernietigen. De strafrechtelijke veroordeling tot zes jaar gevangenisstraf en terbeschikkingstelling blijft daarmee in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling voor bezit en vervaardiging van seksuele afbeeldingen van minderjarige meisjes volgens art. 240b Sr.