Conclusie
“medeplegen van kraken”is veroordeeld tot een voorwaardelijke taakstraf voor de duur van veertig uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door twintig dagen hechtenis, met een proeftijd van twee jaren.
eerste middelkomt met rechts- en motiveringsklachten op tegen het oordeel van het Hof dat het gebruik van het pand door de rechthebbende was beëindigd.
[betrokkene 1], geboren [geboortedatum] 1964, [woonplaats], [betrokkene 2], Allington Real Estate Advisors, Cornelis Krusemanstraat 21, Amsterdam, een vertegenwoordiger van FGH Bank N.V., gevestigd Leidseveer 50, Utrecht.”
loutervia de bij wet voorgeschreven
parate executie(dan wel onderhandse verkoop) het betreffende gebouw (in casu de leegstaande bioscoop aan de Noorderkerstraat te Zaandam) mag (doen)
verkopenom zodoende uit de opbrengst een deel van de hypotheekschuld van de eigenaar (in casu [betrokkene 1]) te ontvangen. Eventuele beheerhandelingen dienen dan ook hierop te zijn gericht. [7] Mutatis mutandis moet hieruit ook volgen dat de FGH Bank geen ‘rechthebbende’ kan zijn zoals bedoeld in art. 138a Sr, nu bovengenoemd recht
nietinhoudt ‘de bevoegdheid tot het in gebruik geven van woning of gebouw’. In andere woorden: de FGH Bank was niet bevoegd om, bijvoorbeeld, via verhuur de misgelopen hypotheekinkomsten ‘goed te maken’. [8]
het feitelijk gebruikvan het pand noch bij [betrokkene 1], noch bij een ander lag. Hiermee heeft het Hof de feitelijke situatie beslissend geacht. Dat oordeel getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting, zoals Uw Raad onlangs duidelijk heeft gemaakt in het arrest van 13 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2015:3021. [9] Noch is dat oordeel onbegrijpelijk, nu het Hof heeft vastgesteld dat:
tweede middelklaagt over ’s Hofs afwijzing van de voorwaardelijke verzoeken van de verdediging om de getuigen [betrokkene 1], [betrokkene 2] en een vertegenwoordiger van de FGH Bank te horen.
derde middelbehelst de klacht dat het Hof bij arrest niet, respectievelijk pas bij een aanvulling op het arrest, heeft gereageerd op het verweer strekkende tot toepassing van artikel 9a Sr.