ECLI:NL:PHR:2016:30
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest over overval met braak en bedreiging wegens onvoldoende bewijs
Op 28 februari 2014 vond een overval plaats op juwelier [A] te Amsterdam waarbij drie personen betrokken waren. De vitrine werd met een hamer ingeslagen en sieraden werden weggenomen. Verdachte werd door het hof Amsterdam veroordeeld tot acht maanden jeugddetentie en een gedragsmaatregel voor 12 maanden wegens diefstal met braak, bedreiging met geweld en opzetheling.
Het bewijs berustte voornamelijk op DNA-sporen van verdachte die in een tas met de buit werden aangetroffen. Verdachte voerde aan dat het bloed in de tas afkomstig was van een eerdere verwonding tijdens het sleutelen aan een scooter door een kennis, en dat de tas niet per se bij de overval was gebruikt. Het hof verwierp deze verklaring als onvoldoende aannemelijk en concludeerde dat de bloedsporen verband hielden met de overval.
De Hoge Raad oordeelde echter dat het hof onvoldoende had vastgesteld dat het bloed vers was en daadwerkelijk tijdens de overval in de tas was gekomen. Ook was niet bewezen dat verdachte wist dat de gebruikte scooter gestolen was op het moment van voorhanden krijgen. Hierdoor was het bewijs ontoereikend voor bewezenverklaring van de tenlastegelegde feiten.
De Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak terug naar het hof Amsterdam voor hernieuwde beoordeling. De conclusie benadrukt dat een alternatieve lezing van verdachte niet zonder meer hoeft te worden weerlegd, maar dat het hof aannemelijk moet maken dat de alternatieve verklaring ongeloofwaardig is. In deze zaak was dat onvoldoende gebeurd.
Uitkomst: Het arrest van het hof Amsterdam wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling wegens onvoldoende bewijs.