Conclusie
eerste middelhoudt in dat verdachtes verzoek om zijn ter terechtzitting van 2 juli 2015 gedaan verzoek om aanhouding van de behandeling van zijn zaak gelet op zijn aanwezigheidsrecht ten onrechte is afgewezen, althans dat die afwijzing ontoereikend is gemotiveerd.
tweede middelklaagt dat het Hof ambtshalve geen redenen voor inhoudelijke behandeling van de zaak heeft gezien hoewel de redelijke termijn voor berechting in hoger beroep in aanzienlijke mate is overschreden.