ECLI:NL:PHR:2017:1075
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vermindering strafoplegging voor bewezenverklaring mensenhandel met misleiding en dwang
Op 28 januari 2016 heeft het gerechtshof Amsterdam verdachte veroordeeld voor meervoudige mensenhandel, gepleegd door twee of meer verenigde personen, conform artikel 273f Wetboek van Strafrecht. Het hof verklaarde bewezen dat verdachte door misleiding, dwang, dreiging met geweld en misbruik van een kwetsbare positie [betrokkene 1] heeft geworven, vervoerd, overgebracht, gehuisvest en gedwongen tot seksuele diensten met het oog op uitbuiting.
Verdachte stelde in cassatie drie middelen aan de orde, waaronder het verwijt dat het hof de tenlastelegging zou hebben verlaten en dat de uitleg van 'misbruik van een kwetsbare positie' te ruim was. De Hoge Raad verwierp deze middelen en oordeelde dat het hof de tenlastelegging begrijpelijk heeft uitgelegd en dat de kwetsbare positie van [betrokkene 1] voldoende is onderbouwd door de omstandigheden, zoals misleiding, dreiging en isolatie.
Daarnaast werd een middel gegrond verklaard dat betrekking had op de overschrijding van de redelijke termijn in de cassatiefase, wat leidde tot een vermindering van de opgelegde straf. De Hoge Raad vond geen andere gronden voor vernietiging en concludeerde tot vermindering van de straf en verwerping van het beroep voor het overige.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling voor mensenhandel en vermindert de straf wegens overschrijding van de redelijke termijn in cassatie.