Conclusie
waiverte kunnen spreken – wordt door de onderhavige zaak geïllustreerd. Bij de gedingstukken bevindt zich een memo van de griffier van het hof waarin deze verslag doet van een telefonisch onderhoud dat hij daags na de zitting had met de verdachte, die om ongeveer half elf ’s morgens naar de administratie had gebeld. Uit dit verslag kan worden afgeleid dat de verdachte geenszins afstand van zijn aanwezigheidsrecht had willen doen. Het verslag wijst er voorts op dat de “zorgen” die het hof over de verdachte had (waarbij de voorzitter zich afvroeg of geen toepassing moest worden gegeven aan art. 509a Sv) niet zonder grond waren. De verdachte vertelde de griffier dat zijn advocaat de verdediging had neergelegd omdat hij bedreigd was door de officier van justitie. De verdachte zei voorts naar Haarlem te zijn gegaan omdat zijn advocaat had gezegd dat hij daar moest wezen. Toen bleek dat hij aan het verkeerde adres was, is hij dadelijk naar Amsterdam gegaan, maar toen hij om 5 uur bij het gebouw van het hof aankwam, mocht hij van de beveiliging niet meer naar binnen.