Conclusie
eerstemiddel, in samenhang met de toelichting bezien, begrijp ik aldus dat het er onder meer over klaagt dat het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep ten onrechte buiten de aanwezigheid van de verdachte en zijn raadsman heeft plaatsgehad. Daartoe wordt in de kern geklaagd dat het hof niet heeft beslist op een schriftelijk aanhoudingsverzoek van de raadsman van 13 juni 2016.
tweedemiddel, dat een beroep doet op dezelfde gang van zaken maar één en ander in de sleutel van art. 6 EVRM Pro en een schending van het recht op een eerlijk proces zet, naar het mij voorkomt achterwege blijven.