Conclusie
middelbehelst de klacht dat het hof het in de zaak met parketnummer 13-850069-12 onder 3 bewezen verklaarde feit ten onrechte heeft gekwalificeerd als “opzettelijk een stoornis in de gang of werking van een elektriciteitswerk veroorzaken terwijl daardoor verhindering of bemoeilijking van stroomlevering ten algemenen nutte ontstaat”, aangezien in de tenlastelegging en de bewezenverklaring het bestanddeel “opzettelijk” ontbreekt.
1°.met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de vijfde categorie, indien daardoor verhindering of bemoeilijking van stroomlevering ten algemenen nutte ontstaat;
2°.met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vijfde categorie, indien daarvan gemeen gevaar voor goederen te duchten is;
(…)”