Conclusie
middelklaagt dat het hof geen (gemotiveerde) beslissing heeft genomen op een uitdrukkelijk voorgedragen (kwalificatie)verweer.
15.679(te weten onverklaarbaar vermogen betreffende contante uitgaven in het jaar 2011) heeft witgewassen,
Het witwassen in 2011 (feit 7)
Nadere bewijsmotivering feit 7
contante uitgaven in het jaar 2011”.Blijkens het dossier zijn dit de contante stortingen op zijn bankrekeningen in dat jaar. Daarnaast gaat het om het enkele voorhanden hebben van een geldbedrag van €3.525,- op 30-11-2011. Uit genoemde rechtspraak volgt dat het enkele storten op eigen bankrekening onvoldoende is op te kunnen spreken van gedragingen die ook (kennelijk) gericht zijn geweest op het daadwerkelijk verbergen of verhullen van de criminele herkomst van de geldbedragen. Voor het enkele voorhanden hebben van een geldbedrag geldt dat uiteraard eveneens. De eventueel onder 7 bewezenverklaarde gedragingen kwalificeren dus niet als een strafbaar feit. Ik vraag u daarom subsidiair om cliënt te ontslaan van alle rechtsvervolging.”
middelfaalt.