Conclusie
1.Feiten en procesverloop
2.Bespreking van het cassatiemiddel
tweede onderdeelklaagt dat uit de stukken onvoldoende blijkt dat sprake is van een uit de stoornis(sen) voortvloeiend gevaar en voorts dat dit gevaar niet buiten de inrichting kan worden afgewend. Ter toelichting stelt het onderdeel dat het de vraag is of uit de stukken kan blijken dat de door de rechtbank genoemde gevaren zich voordoen [19] . Voorts heeft de rechtbank onvoldoende althans onbegrijpelijk gemotiveerd waarom het gevaar niet buiten de inrichting kan worden afgewend, te weten door verblijf bij de moeder van betrokkene met ambulante begeleiding. Ter onderbouwing hiervan wijst het onderdeel op het proces-verbaal [20] en de bestreden beschikking [21] . Het onderdeel stelt dat uit de stukken niet blijkt dat het niet goed gaat als betrokkene bij zijn moeder verblijft, zodat de vraag zich voordoet of een eventueel gevaar niet gerelateerd is aan de inrichting waar betrokkene verblijft.