ECLI:NL:PHR:2020:51
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt onderzoeksplicht parkeerder ondanks onjuiste informatie in parkeerapp
Belanghebbende parkeerde op 30 juni 2017 zijn auto in de Utrechtsestraat te Tilburg en betaalde parkeerbelasting via een door de gemeente gefaciliteerde parkeerapp. De app gaf onjuiste informatie over het tarief en de parkeerzone, waardoor belanghebbende slechts voor één uur betaalde terwijl alleen een dagticket geldig was. Bij het inrijden passeerde hij wel duidelijke borden die dit aangaven, maar hij zag deze niet.
De gemeente legde een naheffingsaanslag op wegens het niet voldoen van het volledige dagtarief. Zowel de rechtbank als het gerechtshof oordeelden dat belanghebbende tekort was geschoten in zijn onderzoeksplicht door niet de fysieke borden te raadplegen en dat het risico van onjuiste app-informatie voor rekening van de parkeerder kwam.
In cassatie stelde belanghebbende dat hij enkel op de app mocht vertrouwen en dat de gemeente verantwoordelijk was voor de onjuiste informatie. De Hoge Raad oordeelde dat de onderzoeksplicht van de parkeerder ook geldt bij digitale betaling en dat fysieke informatie leidend blijft bij tegenstrijdigheid. De naheffingsaanslag is daarom terecht opgelegd.
De Hoge Raad benadrukte dat de gemeente verplicht is duidelijke informatie te verschaffen, maar dat de parkeerder ook de plicht heeft deze informatie tot zich te nemen, inclusief het raadplegen van borden en parkeerapparatuur. Dit oordeel sluit aan bij eerdere jurisprudentie en de huidige wettelijke regeling. De conclusie is dat het beroep in cassatie ongegrond is en de naheffingsaanslag in stand blijft.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt dat de naheffingsaanslag terecht is opgelegd wegens het niet naleven van de onderzoeksplicht door belanghebbende.