ECLI:NL:GHAMS:2016:1211
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen naheffingsaanslag parkeerbelasting wegens onvoldoende kenbaarheid belastingplicht
Belanghebbende kreeg op 23 augustus 2013 een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd wegens parkeren zonder betaling op een locatie in Amsterdam. Na bezwaar en een ongegrond verklaard beroep bij de rechtbank, stelde belanghebbende hoger beroep in tegen de uitspraak. Het geschil spitste zich toe op de vraag of de parkeerbelasting voldoende kenbaar was op de parkeerlocatie.
De rechtbank had vastgesteld dat de parkeerbelasting werd geheven op grond van een algemeen verbindende gemeentelijke verordening en dat de gemeente voldoende had gedaan om parkeerders te informeren, onder meer door het plaatsen van parkeerautomaten en bebording in de nabijheid. Belanghebbende voerde aan dat de parkeerautomaten niet zichtbaar waren en dat er onvoldoende bebording was, vooral aan de zijde waar hij parkeerde.
Het Hof overwoog dat van een parkeerder mag worden verwacht dat hij een onderzoeksplicht heeft en dat een wandeling van 55 tot 110 meter om een parkeerautomaat te vinden geen onevenredige inspanning is. De afwezigheid van bebording aan één zijde van de straat doet niet af aan de kenbaarheid van de parkeerbelasting. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag parkeerbelasting bevestigd.