Conclusie
1.Het cassatieberoep
veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden, met aftrek van het voorarrest.
De eerste drie middelen houden in dat de bewezenverklaring in de zaak met parketnummer 19-810113-11 onder 1 subsidiair en 2 primair en in de zaak met parketnummer 18-930330-13 onder 1, 2 en 3 primair onvoldoende met redenen is omkleed nu i) wel bewezen is verklaard dat de
verdachtede betreffende (oplichtings)gedragingen heeft verricht, maar niet dat hetzelfde geldt voor de in de bewezenverklaring genoemde
bedrijvenwaarin de verdachte feitelijk leiding had, ii) het zich als bonafide afnemer (of koper) voordoen geen valse hoedanigheid oplevert en iii) door het hof ten onrechte geen keuze is gemaakt tussen het ten laste gelegde ‘alleen plegen’ dan wel ‘medeplegen’.
Tot slot wordt in het vijfde middel geklaagd dat de redelijke termijn als bedoeld in art. 6, eerste lid, EVRM in de cassatiefase is overschreden, aangezien de stukken te laat door het hof zijn ingezonden.
2.Samenvatting feiten
3.Het eerste, tweede en derde middel
Het hof stelt voorop dat de verdediging ter terechtzitting van het hof het standpunt heeft ingenomen dat zij geen verweren heeft ten aanzien van het ten laste gelegde en dat zij zich voor wat betreft de bewezenverklaring volledig achter het vonnis van de rechtbank schaart. Om die reden zal het hof in dit arrest volstaan met de hierna volgende bewezenverklaring.”
[A] B.V. en [B] B.V. en [C] op verschillende tijdstippen in of omstreeks de periode van 14 juli 2008 tot en met 24 augustus 2011 in Nederland en/of België en/of Duitsland, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,
( [A] BV.)
[D] heeft bewogen tot afgifte van 18 autobanden en 4 velgen,
en
( [B] BV.)
[E] heeft bewogen tot afgifte van bouwmatten en/of betonstaal
en
( [C] )
[F] B.V. heeft bewogen tot afgifte van 60 metalen rijplaten met een totale waarde van 48.000 euro
en
[G] heeft bewogen tot afgifte van twee containers met een totale waarde van 18.000 euro
en
[H] BV. heeft bewogen tot afgifte van twee zeecontainers,
hebbende verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als bonafide afnemer, gebruiker en/of huurder en/of (daartoe) brieven, opdrachtbevestigingen en/of nota's opgemaakt en/of (telefonische) orders geplaatst, waardoor die [D] , [E] , [F] B.V., [G] B.V. en [H] B.V. werden bewogen tot bovenomschreven afgifte,
zulks terwijl hij, verdachte, al dan niet in vereniging met een of meer ander(en), feitelijke leiding heeft gegeven aan bovenomschreven verboden gedragingen;
2.
[A] B.V. op verschillende tijdstippen omstreeks de periode van 15 mei 2009 tot en met 22 juni 2009 in Nederland met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,
[I] B.V. heeft bewogen tot afgifte van 81.417,46 euro,
en
[J] heeft bewogen tot afgifte van 21.037,63 euro,
hebbende verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid de personeelsadministratie en salarisverwerking met betrekking tot door [A] B.V. opgegeven personen, door [I] B.V. en [J] uit laten voeren, waarbij de arbeidsuren en vergoeding zijn opgegeven in strijd met de waarheid en vervolgens de facturen van voornoemde bedrijven niet zijn voldaan,
waardoor [I] B.V. en [J] werden bewogen tot bovenomschreven afgifte,
zulks terwijl hij, verdachte, al dan niet in vereniging met een of meer ander(en), feitelijke leiding heeft gegeven aan bovenomschreven verboden gedragingen;”
A.
de rechtspersonen [K] B.V. en [L] B.V. in de periode van 25 februari 2009 tot en met 10 november 2010 in Nederland, meermalen
telkens tezamen en in vereniging met een of meer natuurlijke perso(o)n(en),
telkens met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen
telkens door het aannemen van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen, een of meer medewerkers van het/de bedrijf/bedrijven [M] B.V en/of [N] B.V. hebben bewogen tot de afgifte van een hoeveelheid geld, in totaal ongeveer 370.000 euro,hebbende die rechtspersonen [K] B.V. en/of [L] B.V. toen aldaar telkens tezamen en in vereniging met een of meer natuurlijke perso(o)n(en), althans alleen, met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid telkens
- een valse opdrachtbon of ontvangstbon, waarop een te hoog/onjuist geldbedrag was vermeld, op naam van/vanwege die [M] B.V en/of [N] B.V. en gericht aan die rechtspersonen [K] B.V. en/of [L] B.V. opgemaakt of doen/laten opmaken, en aan die rechtspersonen [K] B.V. en/of [L] B.V. toegestuurd of doen/laten toekomen, en
waardoor die werknemer(s) van dat/die bedrijven [M] B.V. en/of [N] B.V. telkens werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte,
zulks terwijl verdachte, al dan niet tezamen en in vereniging met een of meer ander(e) perso(o)n(en) feitelijke leiding heeft gegeven aan bovenomschreven verboden gedragingen;
EN
B.
hij in de periode van 25 februari 2009 tot en met 10 november 2010 in Nederland, meermalen, telkens tezamen en in vereniging met een of meerdere rechtspers(o)n(en) en/of natuurlijke perso(o)n(en),
telkens met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen
telkens door het aannemen van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen,
een of meer medewerkers van het/de bedrijf/bedrijven [M] B.V. en/of [N] B.V. heeft/hebben bewogen tot de afgifte van een hoeveelheid geld, in totaal ongeveer 370.000 euro,
hebbende verdachte toen aldaar tezamen en in vereniging met een of meer rechtsperso(o)n(en) en/of natuurlijke perso(o)n(en),
met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid telkens
- een valse opdrachtbon of ontvangstbon, namelijk waarop een te hoog/onjuist geldbedrag was vermeld, op naam van/vanwege die [M] B.V en/of [N] B.V. en gericht aan het bedrijf [K] of rechtspersonen [K] B.V. en/of [L] B.V. opgemaakt of doen/laten opmaken, en aan (een aan verdachte gelieerd) bedrijf [K] en/of rechtspersonen n [K] B.V. en/of [L] B.V. toegestuurd of doen/laten toekomen, en
- (vervolgens) op basis van die valse en/of onjuiste opdrachtbon of ontvangstbon een valse en/of onjuiste factuur op naam van/vanwege het bedrijf [K] of de rechtspersonen [K] B.V. en/of [L] B.V. opgemaakt of doen/laten opmaken en/of gericht aan en/of toegestuurd of doen/laten toekomen aan die [M] B.V. en/of [N] B.V.,
waarbij die valse en/of onjuiste opdrachtbon of ontvangstbon als zogenaamd bewijsstuk was bijgesloten/toegevoegd, waardoor die werknemer(s) van dat/die bedrijven [M] B.V. en/of [N] B.V. telkens werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte;
2. Primair
A.
de rechtspersonen [K] B.V. en [L] B.V. in de periode van 1 oktober 2009 tot en met 1 augustus 2010 in Nederland, meermalen, telkens opzettelijk gebruik heeft gemaakt van valse of vervalste inkooporders, - (elk) zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - als ware die/dat geschrift(en) telkens echt en onvervalst, bestaande dat gebruikmaken hierin dat die rechtspersonen [K] B.V. en [L] B.V. die inkooporders, afkomstig (zogenaamd) van [O] B.V., hebben ontvangen en gebruikt ten behoeve van het opmaken van een of meer factu(u)r(en) op naam van [K] of [K] B.V. of [L] B.V, en gericht aan [O] B.V. en als (zogenaamd) bewijsstuk hebben gevoegd bij die factu(u)r(en), en
bestaande die valsheid of vervalsing hierin dat die inkooporders, op naam van [O] B.V. en gericht aan het bedrijf [K] en/of [K] B.V. en/of [L] B.V., geheel valselijk en fictief waren opgemaakt,
zulks terwijl verdachte, al dan niet tezamen en in vereniging met een of meer ander(e) perso(o)n(en) feitelijke leiding heeft gegeven aan bovenomschreven verboden gedragingen;
EN
B.
hij in de periode van 1 oktober 2009 tot en met 1 augustus 2010 in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), meermalen, telkens opzettelijk gebruik heeft gemaakt van valse of vervalste inkooporders, - elk zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - als ware die geschriften telkens echt en onvervalst, bestaande dat gebruikmaken hierin dat verdachte en/of een of meer van zijn medeverdachte(n) die inkooporders, afkomstig (zogenaamd) van [O] B.V., heeft ontvangen en gebruikt ten behoeve van het opmaken van een of meer factu(u)r(en) op naam van [K] en/of [K] B.V. en/of [L] B.V., en gericht aan [O] B.V. en als (zogenaamd) bewijsstuk heeft gevoegd bij die factu(u)r(en),
en
bestaande die valsheid of vervalsing hierin dat die inkooporders, op naam van [O] B.V. en gericht aan het bedrijf [K] of [K] B.V. of [L] B.V., geheel valselijk en fictief waren opgemaakt;
3. Primair
[Q] B.V. en [R] B.V. op verschillende tijdstippen in de periode van 1 juni 2011 tot en met 1 januari 2012 in Nederland en/of Duitsland, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,
[S] heeft bewogen tot afgifte van 1.100m2 straatklinkers met een waarde van 10.000 euro,
en
[T] heeft bewogen tot afgifte van een container met een waarde van 8.000 euro,
hebbende verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich voorgedaan als bonafide afnemer, gebruiker en/of huurder en/of(daartoe) brieven, opdrachtbevestigingen en/of nota's opgemaakt en/of (telefonische) orders geplaatst,
waardoor die [S] en [T] werden bewogen tot bovenomschreven afgifte,
zulks terwijl hij, verdachte, al dan niet in vereniging met een of meer ander(en), feitelijke leiding heeft gegeven aan bovenomschreven verboden gedragingen.”
eerste middel, dat zich richt tegen de bewezenverklaring van het onder feit 1 subsidiair en feit 2 primair tenlastegelegde in de zaak met parketnummer 19-810113-11, bevat drie deelklachten.
de verdachtevalselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid zich heeft voorgedaan als bonafide afnemer, gebruiker en/of huurder en/of (daartoe) brieven, opdrachtbevestigingen en/of nota’s heeft opgemaakt en/of (telefonische) orders heeft geplaatst, waardoor verschillende bedrijven zijn bewogen tot afgifte van goederen, terwijl verdachte weer aan die gedragingen feitelijk leiding heeft gegeven. Hieruit leiden de stellers van het middel af dat er wel bewezen is verklaard dat de verdachte de betreffende handelingen heeft verricht, maar niet dat de verdachte ‘al dan niet in vereniging met een ander of anderen’ feitelijk leiding heeft gegeven aan de oplichting door de bedrijven. Dit geldt volgens de stellers van het middel ook voor het onder feit 2 primair bewezenverklaarde.
In de tweede klacht wordt gesteld dat het zich als bonafide afnemer (of koper) voordoen geen valse hoedanigheid oplevert. De presentatie van de bonafide partij kan slechts relevant zijn in het kader van de ten laste gelegde oplichting indien die presentatie berust op voldoende specifieke andere gedragingen in de desbetreffende context.
Als derde klacht wordt aangevoerd dat het hof ten onrechte geen keuze heeft gemaakt tussen het ten laste gelegde plegen dan wel medeplegen, nu bewezen is verklaard dat de verdachte, al dan niet in vereniging met een (of meer) ander(en), feitelijk leiding heeft gegeven aan oplichting. Gelet hierop heeft het hof niet beraadslaagd naar aanleiding van de tenlastelegging, zodat het arrest volgens de stellers van het middel nietig is.
Het
tweede middelklaagt over de bewezenverklaring van feit 1 en 2 in de zaak met parketnummer 18-930330-13 en behelst de klacht dat het hof telkens ten onrechte geen keuze heeft gemaakt tussen het tenlastegelegde plegen dan wel medeplegen, nu (telkens) bewezen is verklaard dat de verdachte, al dan niet in vereniging met een of meer ander(e) perso(o)n(en), feitelijk leiding heeft gegeven aan de door de rechtspersonen begane feiten. Gelet hierop heeft het hof niet beraadslaagd naar aanleiding van de tenlastelegging, zodat het arrest nietig is.
Het
derde middelziet op feit 3 in de zaak met parketnummer 18-930330-13. Dit middel kent drie deelklachten die – toegespitst op het onder 3 tenlastegelegde feit – overeenkomen met de klachten van het eerste middel.
plegenvan de strafbare feiten door de verdachte. Ook bij de kwalificatie van het in de zaak met parketnummer 18-930330-13 onder feit 1 primair onder A, feit 2 primair onder A en feit 3 primair bewezen verklaarde lijkt het hof in tegenstelling tot de rechtbank uit te gaan van
plegen.
4.Het vierde middel en de beoordeling daarvan
- geldbedragen die gestort zijn op de rekening van [U] (op dezelfde dag) contant opgenomen dan wel laten storten naar de bankrekeningen van [mededader] en/of [verdachte] en
Dit frauduleuze handelen is buitengewoon kwalijk te noemen. Niet alleen omdat de gedupeerde aangevers en schuldeisers financiële schade lijden, maar ook omdat dergelijke vormen van fraude het algemene vertrouwen tussen ondernemers onderling, dat van essentieel belang is voor een goed functionerend handelsverkeer, aantasten.”
3°. ter gelegenheid van zijn faillissement of op een tijdstip waarop hij wist dat het faillissement niet kon worden voorkomen, een van zijn schuldeisers op enige wijze bevoordeeld heeft of bevoordeelt;
4°. niet voldaan heeft of niet voldoet aan de op hem rustende verplichtingen ten opzichte van het voeren van een administratie ingevolge artikel 15i van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek, en het bewaren en tevoorschijn brengen van boeken, bescheiden en gegevensdragers in dat artikel bedoeld;”