Conclusie
1.Het cassatieberoep
2.De feiten
- [a-straat 1] te [plaats] ;
- [b-straat ] [01-10] te [plaats] ;
- [c-straat 1] te [plaats] ;
- [d-straat 1] en [d-straat 2] te [plaats] .
Parket bij de Hoge Raad
In deze zaak is door het openbaar ministerie op grond van art. 94 Sv Pro beslag gelegd op meerdere panden die toebehoren aan de klaagster, wegens verdenking van deelneming aan een criminele organisatie en witwassen. De klaagster verzocht de rechtbank om opheffing van het beslag, stellende dat niet alle panden verband houden met de vermeende witwaspraktijken en dat het beslag disproportioneel is.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het klaagschrift niet-ontvankelijk en ongegrond, oordelend dat het niet hoogst onwaarschijnlijk is dat de panden verbeurdverklaard zullen worden en dat bij klassiek beslag in beginsel geen proportionaliteits- of subsidiariteitstoets vereist is. De klaagster stelde cassatieberoep in tegen deze beslissing.
De AG concludeert dat de rechtbank onvoldoende is ingegaan op de stellingen van de klaagster omtrent het ontbreken van verband tussen sommige panden en het witwassen. Tevens is de opvatting van de rechtbank dat bij klassiek beslag geen proportionaliteits- of subsidiariteitstoets vereist is, onjuist. De AG adviseert daarom de beschikking gedeeltelijk te vernietigen en de zaak terug te verwijzen voor een nieuwe beoordeling.
Uitkomst: Advies tot gedeeltelijke vernietiging van de beschikking en terugwijzing naar de rechtbank voor hernieuwde beoordeling van het beslag op panden.