ECLI:NL:PHR:2021:924
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring verdachte wegens niet tijdig indienen cassatiemiddelen
De verdachte is door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld tot een gevangenisstraf van één maand wegens openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen en goederen. Tegen dit arrest is cassatieberoep ingesteld. Echter heeft de verdachte geen schriftuur houdende middelen van cassatie tijdig bij de Hoge Raad ingediend.
De benadeelde partij heeft wel een middel van cassatie voorgesteld, maar aangezien de verdachte zelf niet ontvankelijk is, kan de Hoge Raad niet tot inhoudelijke beoordeling van het cassatieberoep overgaan. De conclusie van de procureur-generaal strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het cassatieberoep.
Hierdoor wordt het beroep van de verdachte niet behandeld en blijft het arrest van het gerechtshof in stand. Deze beslissing is gebaseerd op het niet naleven van het voorschrift van artikel 437 lid 2 Sv Pro.
Uitkomst: Verdachte niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdig indienen van cassatiemiddelen.