ECLI:NL:PHR:2022:448
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing wegens schending recht op eerlijk proces door afwijzing getuigenverzoek
De verdachte werd door het hof Den Haag veroordeeld wegens bedreiging met ernstige misdrijven, met een gevangenisstraf van vier weken waarvan twee voorwaardelijk. De verdediging had in hoger beroep een voorwaardelijk verzoek gedaan om twee aangevers als getuigen te horen, wat door het hof werd afgewezen omdat hun verklaringen steun vonden in ander bewijsmateriaal.
De Hoge Raad oordeelde dat het belang van de verdediging bij het horen van getuigen die belastende verklaringen hebben afgelegd en nog niet zijn ondervraagd, moet worden voorondersteld. Het hof had dit onvoldoende gemotiveerd en nagelaten te toetsen of het gebruik van deze verklaringen verenigbaar is met het recht op een eerlijk proces zoals gewaarborgd in artikel 6 EVRM Pro.
De Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak terug naar het hof voor een nieuwe berechting waarbij het getuigenverzoek opnieuw moet worden beoordeeld. Daarnaast werd een eerdere klacht over de uitspraakdatum verworpen, en een overschrijding van de cassatietermijn bleef onbesproken vanwege de vernietiging.
Uitkomst: Arrest hof vernietigd wegens schending recht op eerlijk proces; zaak terugverwezen voor nieuwe berechting.