Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder Pro C van de Opiumwet gegeven verbod”veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van zestig uur, subsidiair dertig uur hechtenis, met aftrek van voorarrest, en wegens 2. “
handelen in strijd met artikel 27, eerste lid, van de Wet wapens en munitie”tot een geldboete van € 225,-, subsidiair vier dagen hechtenis. Verder heeft het hof beslissingen genomen ten aanzien van de in beslag genomen voorwerpen, waaronder de onttrekking aan het verkeer van het mes dat wordt bedoeld in het onder 2 bewezen verklaarde, een en ander zoals vermeld in het arrest.
op dat momentook anderszins zijn identiteit niet konden vaststellen.
hij op 23 februari 2020 te Amsterdam een wapen van categorie IV, onder 7 van de Wet wapens en munitie, te weten een een vouwmes, heeft gedragen.”